Corona-update: beperkte interestaftrek tussen groepsvennootschappen verduidelijkt

Vroeger voorzag de zgn. thin-cap regeling dat interesten tussen verbonden vennootschappen slechts aftrekbaar waren in de mate waarin de leningen meer bedroegen dat vijf keer het fiscaal eigen vermogen.

Corona-update: beperkte interestaftrek tussen groepsvennootschappen verduidelijkt

Vroeger voorzag de zgn. thin-cap regeling dat interesten tussen verbonden vennootschappen slechts aftrekbaar waren in de mate waarin de leningen meer bedroegen dat vijf keer het fiscaal eigen vermogen. Voor dergelijke vennootschappen waarvan de boekjaren starten op of na 1 januari 2019 geldt echter een nieuwe interestaftrekbeperking. De aftrek van de netto betaalde interest, het zgn. financieringskostensurplus wordt beperkt tot één van de twee hoogste bedragen, nl. 30% van het zgn. fiscale ebitda of € 3.000.000.

Vorig jaar heeft de fiscus een circulaire gepubliceerd waarin een overgangsregeling is voorzien voor ‘oude’ leningen. Interesten op leningen die gesloten zijn vóór 17 juni 2016 en waaraan na die datum geen fundamentele wijzigingen aangebracht zijn, blijven onderworpen aan de oude thin-cap regeling. Rekening houdend met de huidige Coronacrisis, heeft de Administratie beslist dat er geen sprake is van een fundamentele wijziging van een 'oude' lening, wanneer ingevolge betalingsproblemen specifieke betalingsmodaliteiten worden toegestaan onder een aantal voorwaarden, nl. de belastingplichtige kan vooreerst aantonen dat de betalingsproblemen het gevolg zijn van de Coronacrisis. Daarnaast moeten de betalingsmodaliteiten blijken uit een goedgekeurde aanvraag bij een financiële instelling of zijn opgenomen in een aanvullende overeenkomst, en tenslotte moet de specifieke betalingsmodaliteiten zijn toegestaan vóór 30 juni 2020 en ten laatste lopen tot 31 december 2020.